zaterdag, oktober 23, 2021
spot_img
HomeFeaturesDIY nachtcultuur #4: Daan Alvering en zijn tips voor de nachtmakers van...

DIY nachtcultuur #4: Daan Alvering en zijn tips voor de nachtmakers van de toekomst

-

Succesverhalen zijn er genoeg. Clubs die een iconische status kregen en uitgroeiden tot ijkpunten in de geschiedenis van de housemuziek. The Warehouse in Chicago, Haçienda in Manchester, Tresor in Berlijn. Of, dichter bij huis, de Roxy en iT in Amsterdam, de Gashouder… Maar alles begint met dat ene idee en het lef om het ook echt uit te voeren. Soms tegen de stroom in, altijd met dat ene doel: bezoekers die onvergetelijke ervaring bieden. In de reeks ‘DIY Nachtcultuur’ interviewt This Is Our House in samenwerking met Stichting N8BM Amsterdam mensen die hun stempel op het hoofdstedelijke nachtleven wisten te drukken. Waar liepen zij tegenaan en welke tips willen zij de nachtmakers van de toekomst meegeven? In deel 4: Daan Alvering, programmeur en mede-oprichter van Garage Noord.

Garage Noord was even op slot van de zomer. “Het was zó kut dat even niemand het meer zag zitten.” In de laatste week van juni mochten ze weer open en dat was een groot feest. In dat weekend kwam álles bij elkaar waar Daan en zijn collega’s al die jaren naar hadden gestreefd.

Maar tegelijkertijd voelden ze aan alles dat het mis zou gaan. Toen ze bij de QR-cursus door de gemeente geen antwoord kregen op essentiële vragen zoals wat er zou gebeuren als de codes zouden worden doorgegeven voelden ze al nattigheid.

Het resultaat is bekend. Twee weken later moesten ze weer volledig dicht. “Het haalde echt de shine van het weekend af. De 25 mensen die we net hadden aangenomen konden we geen werk meer aanbieden”.

Nooit een raver geweest

- Advertisement -

Het verhaal van Daan Alvering begint in Den Haag, waar hij geboren werd. “Maar ik groeide op in Almere. Daar organiseerde ik mijn eerste feesten, hiphop/beats-gerelateerd.”

“Ik raakte echter steeds meer betrokken bij het Amsterdamse nachtleven. In het laatste jaar van AmsterdamTrouw stroomde ik in. Daar maakte ik kennis met elektronische muziek. Ik ben overigens nooit een raver geweest, maar was meer betrokken bij de muziek en de organisatie”.

Garage Noord vindt zijn oorsprong in de studio van Red Light Radio. “Voor mijn studie sociologie liep ik daar stage maar ik kreeg al snel mijn eigen radioshow. In die tijd werkte ik veel samen met Moktar Nabil. Hij was al bezig met Garage Noord, een oude loods / garagebox die in eerste instantie gebruikt zou worden als opslag en kantoor.”

Terwijl Moktar het idee aan het uitbouwen was, sprak hij vaak met Daan. “Ik had dagelijks contact met hem en hij besprak veel met mij.” Daan lacht. “En ik dacht dat ik het allemaal beter kon en vond dat ze meer kansen konden pakken. Maar dan moesten ze investeren, bijvoorbeeld in dj’s.”

Hij sprong aan boord en uiteindelijk werd er een klap op gegeven. “We gingen het doen. Maar de eerste feesten schuurden met het initiële idee: veel teringherrie op slechte geluidssystemen en je moest twee uur wachten voor de wc, terwijl we de mensen juist binnen wilden houden.”

“Toch bleven ze terugkomen. En het werden er geleidelijk steeds meer. Toen hebben we de dansvloer uitgebreid om meer ruimte te creëren. Daardoor kwamen er nog meer mensen, verdienden we meer geld maar hadden we ook meer kosten. Alles wat binnenkwam, investeerden we vervolgens in de club. We verdienden er niks aan, leefden van studiefinanciering of bijbanen.”

De club uit handen

Het was in het begin even wennen: “Op het moment dat je je club opent, geef je het uit handen. Het wordt public space. Iedereen vindt er wat van en heeft er andere ideeën over. Een voorbeeld waren de posters met mooie vrouwen in de wc’s. Wij vonden dat het precies in het thema (garage – red.) paste, maar na drie weken kregen we er boze e-mails over.”

En dat begrijpt hij wel. “In een nachtclub gaan mensen net iets verder in het bloot geven van zichzelf. Met name voor jongeren is dat van belang. Zij zijn bezig om te ontdekken wat ze van zichzelf en de wereld vinden. Het is voor hen ook de enige manier om een sociaal netwerk op te bouwen omdat ze de rest van de week zich helemaal kapot werken om hun huur in Amsterdam te kunnen betalen. Het moet dus een veilige omgeving zijn. En dat is een grote verantwoordelijkheid.”

Zij beseften zich dat steeds meer. “Wij, de eigenaren, vijf vrij grote hetero-jongens die ook nogal aanwezig zijn, zaten in het begin helemaal vooraan de bar. Het eerste dat je als bezoeker zag waren wij. Je kunt je afvragen in hoeverre dat bijdraagt aan een veilig gevoel. Ook zoiets: het deurbeleid. We wilden uitstralen dat we een hele progressieve club zijn, maar in het begin waren de jongens uit de buurt niet welkom.”

Foto: Garage Noord

Nooit klaar

Het zijn allemaal leermomenten. “Je moet erin groeien, ervaring opdoen. En die ervaring krijgen kost minimaal 5 jaar. Er is geen shortcut. Maar in het laatste weekend van afgelopen juni kwamen we heel dichtbij: het publiek was heel divers, ons personeel was heel divers en ook de line-up was heel divers. Iedereen kon zich vrij bewegen door de club. Ja, er waren incidenten, maar die hebben we goed opgelost, vonden ook de bezoekers.”

Dat betekent niet dat ze klaar zijn. “Nee hoor… Als je het idee hebt dat het klaar is, dan is er iets niet goed. Maak hier maar eens een rondje in de buurt. Dan kom je echt wel activisten tegen die Garage Noord een ‘gentrifying kutclub’ zullen vinden”.

Naast de ervaring is er nog een andere belangrijke pijler volgens Daan: de balans tussen de ideeën die de club heeft en de verwachtingen van het publiek dat er komt. “Club Air doet dat goed. De space matcht heel erg met wat er van verwacht wordt. Het is daardoor een diversere club. In de niche waarin wij ons bevinden ligt dat nog véél gevoeliger. Wij denken daarom altijd na: wie zijn we, wat doen we?”

Old boys-netwerk verdwijnt

Amsterdam kent wat Daan betreft een gezond nachtleven, met clubs als Air en Bitterzoet. “Die voldoen aan alle diversiteitsquota en zijn progressief qua geluid en muziek. Zo zie je bijvoorbeeld dat Afrikaanse clubmuziek hier snel wordt opgepakt. Het hele ‘old boys’-netwerk begint langzaam plaats te maken voor jonge crews met een jonge sound.”

Maar toch is het lastig om nu een club op te richten. “Er zijn geen locaties, maar er is ook te veel oude noise die de wind uit de zeilen neemt van de jongere generatie. Ik zie nu veel jonge, vrouwelijke dj’s de scene binnenkomen. Veel mannen lijken daardoor op hun pik getrapt. Wat doet zo’n jong meisje hier? Hun argumentatie was volledig uit de lucht gegrepen. Voor de oudere garde is zoiets onbegrijpelijk, maar het is wel de verantwoordelijkheid voor de clubs om die nieuwe shit te voeden.”

Wat betekent dat voor hem? Ondanks dat hij nog maar 28 jaar is, denkt hij dat hij zijn werk als programmeur voor Garage Noord nog maar twee jaar zal doen. Vindt hij dat dan niet jammer? “Het hoort bij het nachtleven. Als ik dat niet had gewild, had ik bankier moeten worden, inchippen in een bestaand systeem. En ik zie echt nog wel een rol voor mij weggelegd, maar dan vooral faciliterend.”

“Je moet je expertise doorgeven, maar de beslissingen aan de nieuwe generatie overlaten. Je moet niet als een roestig radertje in het systeem blijven hangen. Ik zie het ook als het chicste om dat zelf in te zien. Acknowledgement komt met responsibility. Je bent altijd second aan je audience.”

Concurreren met festivals en huisjesmelkers

Wat hem wel steekt is de macht van de grote festivals. “Kleine clubs en festivals moeten heel creatief zijn in hun line-up en áls er dan dj’s zijn die een goede set afleveren, worden hen direct exclusiviteitscontracten aangeboden en mogen ze niet meer draaien voor de Amsterdamse clubs. Er wordt echt gehandeld vanuit commercieel belang.”

“Grote festivals weten precies wat ze moeten doen om het er hip uit te laten zien, maar uiteindelijk voedt het de scene niet. Er zijn een paar mannen die er heel rijk van worden. En dat in een wereld die opkomt vanuit protest, vanuit blackness. Aan die economie hoef ik niet mee te doen. Ik zie mijzelf dan ook nooit voor zo’n grote organisatie werken.”

Hij mist een instituut zoals de Klub Kommission in Berlijn. “Een aanspreekpunt voor nieuwe nachtmakers. Zij investeren veel en zorgen dat het nachtleven vruchtbaar blijft. Wij merken het zelf. Wij moeten volgend jaar weg met Garage Noord om plaats te maken voor huurhuizen en zijn bezig met een locatie in het centrum, maar de gemeente helpt amper. We moeten concurreren met huisjesmelkers. Terwijl aan de andere kant een grote ondernemer in – mind you – corona-tijd 35 tenten opkoopt en ze allemaal hetzelfde inricht en dat vindt de gemeente goed.”

“Zo’n Klub Kommission zou dan gaan dwarsliggen. Geld verdienen moet niet het belangrijkste zijn. Cultuur is de belangrijkste pilaar voor happiness. Geef nieuwe nachtmakers gewoon een locatie en de rest komt vanzelf. Maar die ruimte krijgen zij niet.”

“En daarbij komt: zodra het woord ‘club’ valt, is álle ondersteuning ineens weg. Al is de wethouder van cultuur nu bezig met een kaart met locaties waarop potentiële nachtclubs kunnen starten. Dat zou ook nog wat voor ons kunnen zijn. Hopelijk schrijven ze een prijsvraag uit, of, nog beter, benaderen zij ons uit zichzelf.”

Foto: Garage Noord

Tips voor nieuwe nachtmakers

Gevraagd naar tips voor de nachtmakers van de toekomst zegt Daan: “Het maken van de nacht is een proces. Je kunt er niet ineens staan. Het is trial & error. Je verzint 15 ideeën en uiteindelijk lukt er maar één. En het stopt nooit. Je moet de ontwikkelingen blijven volgen of je eigen ontwikkelingen maken.”

“En houd je energie vast. De nacht is verraderlijk met alcohol- en drugsgebruik. Maar energie uit de nacht hoef je niet alleen tijdens de nacht op te doen, het kan ook met de dingen die je maakt, de mensen die je spreekt.”

“En… de nacht is van niemand. Het is ook niet de vraag wie jíj bent in het nachtleven, maar meer wat je bijdraagt áán het nachtleven. Wat voor impact heeft het? Je moet het niet doen om ‘iemand te zijn’ in het nachtleven.” Om daar met een glimlach aan toe te voegen: “Als je maar weet wat Garage Noord is”.


Meer DIY Nachtcultuur?

Lees hier de andere drie bijdrages over de DIY Nachtcultuur.

DIY Nachtcultuur i.s.m. Stichting N8BM Amsterdam

Deze serie is tot stand gekomen in samenwerking met Stichting Nachtburgemeester Amsterdam (N8BM). Zie haar website voor meer informatie.

TIOH-x-N8BM-DIY
- Advertisement -

Meld je aan voor de nieuwsbrief

en krijg elke week het laatste dancenieuws rechtstreeks in je mailbox!

Je kan je op ieder moment afmelden voor de nieuwsbrief door op de link onderaan de nieuwsbrief te klikken.
We gebruiken Mailchimp als ons e-mailmarketingplatform. Wanneer je op Subscribe drukt ga je er mee akkoord dat je informatie met Mailchimp wordt gedeeld.
Erwin Herkelman
Enthousiast muziekblogger en tranceliefhebber. Bijzonder geïnteresseerd in de historie van de housemuziek. Leest graag boeken en kijkt documentaires. Wil jij dat Erwin verslag komt doen van jouw festival of evenement? Of heb jij nieuwe trance of house releases voorbij zien komen die zeker niet mogen ontbreken in de maandelijkse top-3? Tip dan nu de redactie van This Is Our House.

Alles over ADE 2021

Klik hier en blijf op de hoogte

Gerelateerd

Rock The House #124: Embankment

Als onderdeel van onze podcast-serie maken artiesten een exclusieve mix voor This Is Our House. Terwijl je luistert kun...

Extrema Noir: indrukwekkende line-up voor nieuwjaarsevent

Jeff Mills, Amelie Lens, Len Faki, Adam Beyer en een tiental andere artiesten sieren de line-up van Extrema Noir,...